Het doel is het komen tot een uniforme en snelle aanpak van overtredingen. De Brabantse Handhavingstrategie houdt in dat op basis van drie verschillende categorieën van overtredingen wordt gehandhaafd. Elke categorie heeft een eigen aanpak en dus een eigen handhavingtraject.
Vanwege de samenloop van wettelijke bevoegdheden met betrekking tot handhaving heeft het handhavingtraject een bestuurs- èn een strafrechterlijke kant. Dit betekent dat bij iedere overtreding samenwerking en afstemming noodzakelijk zijn om te komen tot een effectieve handhaving.
De volgende categorieën overtredingen worden onderscheiden:
- Overtreding met acuut gevaar voor de fysieke leefomgeving
- Categorie 1 overtredingen. Hieronder vallen overtredingen die voldoen aan één of meer van de volgende criteria:
- Overtredingen met dreigende en/of onomkeerbare schade voor de fysieke leefomgeving van enige betekenis;
- Overtredingen met (dreigende) risico's voor de volksgezondheid;
- Overtredingen die duiden op een calculerende en/of malafide instelling van de overtreder en commune delicten met relevantie voor de fysieke leefomgeving;
- Recidive (bestuursrechtelijk dan wel strafrechtelijk, termijn 5 jaar).
- Categorie 2 overtredingen. Dit zijn alle overige overtredingen.
Verder gelden de volgende afspraken:
- Samenloop van overtredingen: Bij de samenloop van categorieën van overtredingen mag er niet lichter worden opgetreden.
- Optreden tegen andere overheden en eigen overheid: Ook hier geldt "afspraak is afspraak". Nog meer dan bij particulieren gelden hier nalevingsdoelen in de sfeer van algemeen normbesef en geloofwaardigheid van de normerende overheid.
- Afwijkingen van de strategie verantwoorden: Afwijken mag want handhaving op maat is de norm, mits dit gemotiveerd gebeurt.
Klik
hier voor meer informatie en voorbeelden